Mijn visie

DSC04848 (3)

Pedagogisch beleidsplan.

 

Elk kind is uniek. Het wordt niet alleen geboren met een unieke vingerafdruk of een uniek DNA. Het wordt ook geboren met een uniek karakter. Het spreekt dan ook voor zichzelf dat elk kind zich op zijn eigen wijze en in zijn eigen tempo zal ontwikkelen.

De taak van de opvoeders/verzorgers ligt in de eerste plaats op het bieden van een emotioneel veilige en daarnaast sociale omgeving. Daarbij zijn een aantal punten van belang;
– Rechtdoen aan de persoonlijkheid en identiteit van elk kind
– Stimuleren van zelfstandigheid en zelfredzaamheid
– Voorleven van sociaal gedrag en het overdragen van waarden en normen.
– Het kind helpen met zijn emoties om te gaan
– Continuïteit en stabiliteit

Rechtdoen aan de persoonlijkheid en identiteit van elk kind.

Zoals gezegd wordt elk kind met een uniek karakter geboren. Het is van belang dit niet uit het oog te verliezen. Het kind moet zich in de eerste plaats geaccepteerd voelen met dat karakter. Dan kan een kind daar een positieve identiteit aan ontlenen en zo voldoende eigenwaarde ontwikkelen.

In de tweede plaats moeten opvoeders/verzorgers zich realiseren dat elk kind een andere omgang vraagt. Dat kinderen gelijkwaardig zijn, wil niet zeggen dat je ze ook op dezelfde manier moet behandelen. Het ene kind is het andere niet.

Voorbeeld.

Sem/Marc 3 jaar is bang om te gaan slapen omdat hij denkt dat er een krokodil onder zijn bed ligt.

–          Bij Sem helpt het om met veel magische toverspreuken alle krokodillen weg te jagen.

–          Bij Marc helpt logisch redeneerwerk. Krokodillen zijn er alleen in Africa/dierentuin en trouwens alle deuren zijn dicht en een krokodil kan niet door het raam klimmen.

 

Opvoeding is maatwerk!

 

Stimuleren van zelfstandigheid en zelfredzaamheid

Kinderen ontwikkelen zich over het algemeen vanuit een eigen intrinsieke motivatie. Leren kruipen, lopen, zelfstandig eten, zindelijk worden, het gaat allemaal vanzelf en in hun eigen tempo. Geen kind is daarin gelijk. Een kind wat zich geaccepteerd en gewaardeerd voelt zal geen aanmoediging nodig hebben. Het enige wat het kind nodig heeft is het vertrouwen van de opvoeder/verzorger dat hij het ook inderdaad kan. De opvoeder moet het kind daarbij ook de tijd en de ruimte geven om dingen uit te proberen/te oefenen.

 

Voorbeeld.

Oma vraagt aan Olivia of ze haar schoenen wil aan doen omdat ze naar de winkel gaan. Olivia haalt zelfstandig haar schoenen uit de keuken en probeert ze aan te doen (oma weet dat ze dat nog niet kan). Na een tijdje geprobeerd te hebben geeft Olivia de schoenen aan oma en oma doet ze voor haar aan ( zonder commentaar).

Olivia heeft gedaan wat ze al kon, namelijk haar eigen schoenen opgehaald. Daarnaast is ze bezig geweest met het oefenen van iets wat ze bijna kan, namelijk haar schoenen aandoen.

 

Kinderen moeten de ruimte en vrijheid krijgen om zich te ontwikkelen.

 “Leer mij het zelf te doen” Maria Montessori.

 

Voorleven van sociaal gedrag en het overdragen van waarden en normen.

Baby’s kijken al vanaf de geboorte naar gezichtsuitdrukkingen. Uit onderzoek blijkt dat baby’s die gezichtsuitdrukkingen ook imiteren. Hiermee oefenen baby’s al heel vroeg in het aflezen van emoties en gedrag van anderen. Dit heeft een reden. De mens heeft vanaf de geboorte ongeveer 18 jaar nodig om tot het moment te komen dat het voor zichzelf kan zorgen. Opgroeien kan daarom alleen met hulp van andere mensen. Om een beroep te doen op anderen is het nodig om sociaal gedrag aan te leren. Dit doen kinderen door te kijken hoe de belangrijkste rolmodellen in zijn/haar leven zich tot anderen verhouden. Het kind leert zo hoe het bij de groep kan horen (sociale ontwikkeling) en het leert herkennen en begrijpen hoe de eigen gevoelens en die van anderen werken (emotionele ontwikkeling). Een kind leert dus vooral door te kijken. Aan de opvoeder dus de taak om het “goede” voorbeeld te geven. Meestal is die opvoeder zich daar niet zo van bewust, maar elke keer dat de opvoeder dank je wel zegt tegen de bakker of het bezoek netjes een hand geeft is een leermoment voor het kind. Ook andersom. De opvoeder kan het kind wel leren dat het niet mag schreeuwen als het boos is, maar als hij/zij vervolgens in een boze bui wel enorm staat te schreeuwen geeft dat op z’n zachts gezegd nogal een mixed message. Van belang is dus in de eerste plaats het voorleven. In de tweede plaats kan je hier ook mee oefenen in een rollenspel. Kinderen doen dit ook al vaak vanzelf. Tijdens het spelen van vader en moedertje bijvoorbeeld. Ten slotte kun je er met oudere kinderen ook hele leuke gesprekjes over voeren. Waarom geven mensen elkaar een hand? Waarom vinden mensen het fijn om dank je/u wel te horen?

 

Voorbeeld.

Mieke 3 jaar, vind het lastig om mensen die op bezoek komen een handje te geven. Daarom oefen je het met haar tijdens de gewone dagelijkse dingen. Elke keer als je haar tegenkomt zeg je: “goedendag mevrouw, hoe maakt u het? Wat een weertje he? En geef je haar een hand. ( Kinderen vinden het vaak heel leuk als je uitvergroot en heel overdreven en theatraal doet)

Mieke zal zo wennen aan het handje geven, meer zelfvertrouwen krijgen en het de volgende keer minder spannend vinden.

 

Kinderen leren door te kopiëren.

 

Het kind helpen met zijn emoties om te gaan.

Pijn, verdriet, boosheid, teleurstelling, agressie, blijdschap, vreugde. In een kinder leven zijn er al heel wat emoties. Het is belangrijk dat kinderen hun emoties kunnen voelen, benoemen en uiten.

In de opvoeding speelt dit een grote rol. Wij als volwassenen hebben vaak de neiging om een negatieve emotie zo snel mogelijk te laten stoppen of beter nog, we proberen het uit alle macht te voorkomen. Toch is het beter als wij kinderen leren met deze emoties om te gaan. Door het te onderdrukken of met een snoepje of cadeautje weg te willen werken, gaan emoties namelijk niet weg. Ze vervormen, en net als een strandbal die je onder water wilt stoppen komen ze op een andere manier en op een ander moment weer naar boven. Als agressie of buikpijn, hoofdpijn of slecht slapen. Daarom is het belangrijk om een kind sensitief te behandelen. Dat is niet hetzelfde als alles maar goed te vinden, maar begrip tonen voor de gevoelens en emoties achter het gedrag.

Als twee kinderen ruzie hebben zijn we geneigd alleen op het gedrag te reageren en niet op het gevoel zelf. Een kind dat straf krijgt omdat het zijn broertje of zusje slaat, zit niet op de trap schuldbewust na te denken over zijn aandeel. Het is waarschijnlijk boos op zijn zusje, op zijn ouders en misschien verzint het wel manieren om het de volgende keer buiten het zicht te doen. Het kind focust niet op het echte probleem –namelijk wat zijn gedrag voor een ander betekent- maar vooral wat het voor hemzelf betekent. Dit werkt egoïsme in de hand, terwijl kinderen vaak prima in staat zijn te begrijpen waarom iets niet kan. Ze willen alleen wat erkenning voor hun eigen gevoelens zodat zij op hun beurt invoelend kunnen zijn naar een ander. Die erkenning voor beiden zorgt ervoor dat het aangeboren empatisch vermogen van kinderen om mee te leven met anderen, kan groeien.

 

Voorbeeld.

Grote broer (3 jaar) en kleine broer (1 jaar) spelen samen in de woonkamer. Grote broer speelt met playmobil en kleine broer heeft net het kruipen ontdekt.

Op een gegeven moment zie je dat grote broer kleine broer slaat. Kleine broer begint te huilen. Je loopt er naar toe en neemt kleine broer troostend op schoot. Het gesprek kan er vervolgens zo uit zien:

–          Ik zie dat kleine broer pijn heeft, omdat jij hem op zijn hoofd sloeg.

–          Ja, hij pakt elke keer mijn playmobil af.

–          Dus hij pakt elke keer jouw playmobil af en daar wordt jij boos van.

–          Ja want ik heb dat nodig om mijn piratenschip te bouwen.

–          Dus je wordt boos omdat hij spullen van jou afpakt die jij nodig hebt. Hoe kunnen we het oplossen?

–          ……..Denkt na. Misschien kan ik aan de eettafel spelen.

–          Dat lijkt me een goed plan, dan kan kleine broer er niet bijkomen. En hoe maken we kleine broer weer blij?

–          Hier, hij mag wel met dit playmobil paard spelen

 

Het opvoeden van kinderen moet liefdevol gebeuren en met respect. We moeten met ze om gaan zoals we zelf behandeld willen worden.

 

Continuïteit en stabiliteit.

Vaste en vertrouwde relaties zijn van cruciaal belang voor het welbevinden en de ontwikkeling van jonge kinderen. Vertrouwde relaties ontstaan niet vanzelf. Dit heeft tijd nodig. Om elkaar te leren kennen is herhaald contact nodig. Pas dan ontstaat een veilige hechting. Ook de stabiliteit speelt hierbij een rol. De verzorger moet voorspelbaar zijn in zijn/haar gedrag. De verzorger moet signalen van kinderen opmerken en herkennen. Daarbij spelen inlevingsvermogen en spiegelen een rol.

Ook in het dagritme is continuïteit van belang. Het kind weet wat er gaat komen en kan zich daarop instellen. Na het brood eten is het tijd voor het middagdutje.

Belangrijk is ook dat je kinderen niet ineens overvalt met iets. Dus niet ineens van achteren een slap over hun hoofd trekken. Het kind schiet dan in de vlucht of vecht modus. Laat het kind zo mogelijk zien wat er gaat gebeuren!

 

Voorbeeld.

De eerste keer dat Jim kwam was hij erg verlegen, hij verstopte zich achter de benen van zijn moeder. Nu voor de derde keer komt stapt hij vrolijk naar binnen. Zijn moeder verteld dat hij zelfs vanmorgen zelf zijn tas in heeft gepakt.

 

Een vaste en verrouwde relatie is de basis om op voort te borduren.

 

Bij de beschrijving van het pedagogisch beleidsplan heb ik gebruik gemaakt van de ideeën van o.a.:

 

–          klinisch psycholoog Thomas Gordon (1918-2002)

–          Arts en pedagoog Maria Montessori (1870-1952)

–          Academicus Alfie Kohn (1957)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s